In deze verordening wordt verstaan onder:
bereidverklaring: schriftelijke verklaring van of namens de eigenaar, dat deze bereid is de woonruimte aan de aanvrager van de huisvestingsvergunning in gebruik te geven;
blijf-van-mijn-lijfhuis: een opvangvoorziening op een geheim adres voor personen en hun eventuele minderjarige kinderen en huisdieren, die vanwege (dreiging van) huiselijk geweld of eergerelateerd geweld niet veilig in de eigen woonomgeving kunnen verblijven, waar zij tijdelijk bescherming en begeleiding ontvangen.
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Brunssum;
directe bemiddeling: rechtstreeks te huur aanbieden van een woning aan een woningzoekende door een woningcorporatie, zonder dat deze woningzoekende gereageerd hoeft te hebben op een aanbod van de woning op een aanbodinstrument;
eigenaar: (voor zover niet anders is bepaald) de eigenaar volgens het kadastraal register die bovendien juridisch en economisch bevoegd is tot het in gebruik geven van het kadastraal object. Naast de eigenaar in de zin van het Burgerlijk Wetboek wordt hieronder mede verstaan de zakelijk gerechtigde;
herhuisvester: een huishouden reeds woonachtig in een woning van een toegelaten instelling binnen de aangewezen gebieden vóór ingang van deze verordening, die de woning van een toegelaten instelling dient te verlaten vanwege herstructurering;
huishouden: één persoon die een woning bewoont; of twee of meerdere personen die een woning bewonen in de vorm van een samenlevingsverband, die een duurzame (gemeenschappelijke) huishouding voeren of willen voeren, waar bij een gemeenschappelijke huishouding sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan, niet zijnde kamerverhuur;
ouder-kindopvang: een opvangvoorziening voor meerderjarige (aanstaande) ouders met één of meer minderjarige kinderen, afkomstig uit de regio Parkstad, die tijdelijk verblijf en begeleiding nodig hebben in verband met psychosociale, financiële of andere omstandigheden, met als doel het bevorderen van zelfstandigheid en stabiliteit.
onzelfstandige woonruimte: woonruimte, niet zijnde woonruimte bestemd voor inwoning, welke geen eigen toegang heeft en welke niet door een huishouden kan worden bewoond, zonder dat dit daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte;
particuliere verhuurder: verhuurder niet zijnde een toegelaten instelling of een dochtermaatschappij als bedoeld in artikel 24a van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek van een toegelaten instelling;
slachtoffer van mensenhandel: een persoon die door middel van dwang, geweld, misleiding, fraude of misbruik van een kwetsbare positie wordt geworven, vervoerd, overgebracht, gehuisvest of opgevangen, met het oog op uitbuiting.
statushouder: vergunninghouder als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Huisvestingswet;
toegelaten instelling: toegelaten instelling als bedoeld in artikel 19 van de Woningwet;
verhuurder: degene die woonruimte in gebruik geeft of wenst te geven;
wet: Huisvestingswet 2014, tenzij anders is aangegeven;
woningmarktregio: de Regio Parkstad Limburg;
woningzoekende: huishouden dat woonruimte zoekt in de gemeente Brunssum;
Zelfstandige woonruimte: woonruimte die een eigen toegang heeft en welke door een huishouden kan worden bewoond zonder dat dit huishouden daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten de woonruimte.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.