Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf

Artikel 4.21.

Onbeheerd drijvende vaartuigen en drijvende voorwerpen

Onderdeel van Verordening Fysieke Leefomgeving 2026

Het college is bevoegd onbeheerd drijvende vaartuigen die in de havens of het gemeentelijk vaarwater worden aangetroffen, te meren, te verhalen en in bewaring te nemen voor rekening en risico van de rechthebbende(n) van het vaartuig. Het is verboden om houtvlotten, balken, bomen, planken, visbunnen of daarmee vergelijkbare voorwerpen in de havens en het gemeentelijk vaarwater te deponeren. Het college kan van het verbod in het tweede lid ontheffing verlenen.

Rechtspraak bij dit artikel