Tijdelijke standplaatsen kunnen worden ingenomen voor een commercieel, ideëel of religieus doel. Denk aan een collecte voor een goed doel, het werven van leden voor een organisatie, of de verkoop van goederen en diensten voor één of enkele dagen. Ook politieke partijen kunnen een tijdelijke standplaats innemen; zie hiervoor de regels onder paragrafen 5.2.4 en 5.2.5.
Per dag worden aan maximaal drie aanvragers tijdelijke standplaatsvergunningen verleend.
Per aanvrager kan er voor maximaal 15 dagen per jaar een standplaats ingenomen worden.
Bij meerdere aanvragen geldt dat de eerste drie aanvragers voorrang hebben op de betreffende dag.
Er zijn aangewezen locaties voor tijdelijke standplaatsen (zie bijlage 2). Buiten deze aangewezen locaties kan een tijdelijke standplaats ook worden ingenomen op een jaar- of seizoenstandplaats, mits deze op de betreffende dag(en) niet in gebruik is door een vergunde standplaatshouder.
Het is mogelijk om een voorkeurslocatie aan te vragen die afwijkt van de lijst in bijlage 2. Het wordt aanbevolen om bij de keuze van zo’n locatie de checklist uit bijlage 1 te hanteren. Zo dient er bijvoorbeeld afstand gehouden te worden tot bouwsels en tussen de verkoopinrichtingen onderling bij bakken, braden en frituren. De vergunningverlener beoordeelt of de opgegeven locatie geschikt is.
Hoofdstuk 5. › Paragraaf 5.2
Artikel 5.2.3
Tijdelijke standplaatsen
Onderdeel van Nota standplaatsenbeleid Vlaardingen 2027