**1..** Leerlingenvervoer is slechts van woning naar school en vice versa op de reguliere schooltijden zoals in de schoolgids is vermeld.
**2..** Het college verstrekt alleen vergoeding van vervoer van en naar een tweede ophaal- en brengadres als:
een leerling recht heeft op bekostiging van het vervoer van de woning naar school en terug;
het tweede adres voldoet aan het afstandscriterium voor een woning uit de verordening;
het ophaal- of brengadres structureel is. Er sprake moet zijn van een terugkerend patroon voor tenminste drie maanden; bekostiging
het tweede adres zich binnen de gemeente bevindt;
er geen voorliggende voorziening is die het vervoer van het tweede adres naar en van school voor haar rekening neemt;
het vervoer van of naar het tweede ophaal- of brengadres mag niet tot extra kosten leiden.
**3..** Het vervoer naar de buitenschoolse opvang (bso) valt in principe niet onder leerlingenvervoer. De vervoersvoorziening van school naar de buitenschoolse opvang wordt alleen verstrekt als de kosten voor de gemeente lager of vergelijkbaar zijn met de kosten voor het vervoer van school naar de woning.
**4..** Bij co-ouderschap, waarbij het kind zowel bij de ene als bij de andere ouder verblijft, is sprake van twee hoofdverblijven. Waar de leerling staat ingeschreven doet niet ter zake, doorslaggevend is de feitelijke verblijfplaats van de leerling.
**5..** Om bij co-ouderschap aanspraak te maken op leerlingenvervoer moet iedere ouder afzonderlijk, een aanvraag indienen bij de gemeente waar de ouder woonachtig is.
**6..** De gemeente toetst de aanvraag, genoemd in lid 5, aan de eigen verordening leerlingenvervoer, waarbij onder meer wordt bekeken of sprake is van een woning in de zin van de verordening, of de school de dichtstbijzijnde toegankelijke is en of voldaan is aan de afstandsgrens. Het komt voor dat slechts in één van beide gemeenten aanspraak op leerlingenvervoer bestaat.
Hoofdstuk 3
Artikel 13
Tweede ophaal- of brengadres
Onderdeel van Beleidsregels leerlingenvervoer Opsterland 2026