Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.7

Artikel 2.7.1

Woningbouw

Onderdeel van Gemeentelijk beleid bluswater en bereikbaarheid

Onder deze categorie worden bouwwerken verstaan welke gebruikt worden voor bewoning. Er wordt onderscheid gemaakt tussen 4 subcategorieën. Er wordt geen onderscheid gemaakt naar bouwjaar, omdat volgens het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) - ongeacht het bouwjaar - minimaal voldaan moet worden aan het brandveiligheidsniveau "bestaande bouw”. Het voldoen aan dit niveau is bepalend voor de kans op branduitbreiding naar andere woningen of objecten en daarmee de bluswaterbehoefte. Woongebouwen met de hoogste verblijfsvloer lager dan 6 meter boven hetmeetniveau, zoals vrijstaande woningen, geschakelde woningen, rijtjeswoning en/of gestapeld woningbouw. Opstelplaats Primaire voorziening Secundaire voorziening Tertiaire voorziening Max. afstand tot object (m) Max. afstand tot opstel- plaats (m) Debiet (m3/uur) Max. afstand tot object (m) Debiet (m3/uur) Escalatie: 90 m3/uur Bij open water maximaal 3.000 meter. Bij geboorde put en/of brandkraan op maximale rijafstand van 5 minuten. 40 100 30 200 30 Voorbeelden Woongebouwen met de hoogste verblijfsvloer tussen 6 meter en 20 meterboven het meetniveau, zoalsportiekwoningen en lage flats. Opstelplaats Primaire voorziening Secundaire voorziening Tertiaire voorziening Max. afstand tot object (m) Max. afstand tot opstel- plaats (m) Debiet (m3/uur) Max. afstand tot object (m) Debiet (m3/uur) Escalatie: 90 m3/uur Bij open water maximaal 3.000 meter. Bij geboorde put en/of brandkraan op maximale rijafstand van 5 minuten. 15 100 30 200 60 Voorbeelden Woongebouwen met de hoogste verblijfsvloer tussen 20 meter en 70 meterboven het meetniveau,zoals flatgebouwen. Opstelplaats Primaire voorziening Secundaire voorziening Tertiaire voorziening Max. afstand tot object (m) Max. afstand tot opstel- plaats (m) Debiet (m3/uur) Max. afstand tot object (m) Debiet (m3/uur) Escalatie: 90 m3/uur Bij open water maximaal 3.000 meter. Bij geboorde put en/of brandkraan op maximale rijafstand van 5 minuten. 15 40 30 200 60 Voorbeelden Woongebouwen met de hoogste verblijfsvloer 70 meter boven het meetniveau, zoals woontorens. Voorbeelden Hier zijn tenminste de voorzieningen noodzakelijk zoals beschreven in de tabel “Woongebouwen met de hoogste verblijfsvloer tussen 20 meter en 70 meter”. Afhankelijk van het risicoprofiel van het object kunnen aanvullende voorzieningen noodzakelijk zijn (maatwerk). Deze worden bepaald in overleg tussen gemeente, initiatiefnemer en Brandweer Limburg-Noord.

Rechtspraak bij dit artikel