**1..** De jeugdhulp die met een pgb bij een formele hulpverlener wordt ingekocht, voldoet aan de kwaliteitseisen van hoofdstuk 4 van de Jeugdwet en aan artikel 8.1.1, tweede lid, onderdeel c, Jeugdwet.
**2..** De formele hulpverlener:
beschikt over een VOG die bij aanvang van de zorgovereenkomst niet ouder is dan 3 maanden en gedurende de hulpverlening niet ouder dan 3 jaar, waaruit blijkt dat er geen bezwaren zijn voor de uitoefening van de functie;
beschikt over de noodzakelijke vaardigheden en deskundigheid om verantwoorde hulp te bieden en handelt in overeenstemming met de geldende professionele standaard;
werkt op basis van een hulpverleningsplan waarin doelen, resultaten en activiteiten zijn vastgelegd;
voert de hulp uit in overeenstemming met de beschikking van het college;
stemt de hulp af op de persoonlijke situatie van de jeugdige en/ of de ouder(s) en op andere (zorg) voorzieningen waarvan gebruik wordt gemaakt;
houdt een deugdelijke administratie bij met een registratie van de geleverde hulp;
werkt met een systeem voor kwaliteitsbewaking dat is afgestemd op de aard en omvang van de hulp;
is voldoende vaardig in de Nederlandse taal om adequaat te communiceren met de jeugdige, de ouder(s) en het college;
waarborgt de privacy van de jeugdige en/ of de ouder(s) en gaat vertrouwelijk om met (persoons) gegevens;
hanteert de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling en neemt bij vermoedens contact op met Veilig Thuis;
voldoet aan de meldplicht calamiteiten en geweld en meldt deze direct bij het college;
stelt een vertrouwenspersoon in staat diens taak uit te oefenen;
werkt mee aan toezicht en aan (on)aangekondigd onderzoek door of namens het college en de landelijke inspecties, gericht op kwaliteit en rechtmatigheid;
is, naar het oordeel van het college, niet overbelast door het verlenen van de jeugdhulp;
voldoet aan hetgeen is bepaald in artikel 22, eerste en tweede lid.
**3..** Het eerste en tweede lid gelden niet voor personen uit het sociaal netwerk waarvoor het informele pgb tarief geldt.
**4..** Ter waarborging van de kwaliteit van de met een pgb in te kopen individuele voorziening voldoet de uitvoerder van informele jeugdhulp aan de volgende eisen:
de ondersteuner moet voldoende tijd beschikbaar hebben om de noodzakelijke ondersteuning op verantwoorde wijze en van goede kwaliteit te kunnen leveren;
het college beoordeelt bij een aanvraag voor een pgb de totale belasting van de ondersteuner, waaronder andere werkzaamheden en opdrachten;
het college beoordeelt of het beoogde aantal uren ondersteuning binnen een gebruikelijke werkweek op een verantwoorde en doelmatige wijze kan worden geleverd;
indien naar het oordeel van het college onvoldoende beschikbaarheid bestaat, kan (een deel van) de jeugdhulp door een andere of aanvullende hulpverlener worden geleverd.
**5..** De deskundigheidseisen uit de Jeugdwet zijn op personen uit de eigen omgeving niet van toepassing.
**6..** Er wordt geen pgb voor informele jeugdhulp verstrekt als, conform het afwegingskader voor een verantwoorde werktoedeling op basis van het Kwaliteitskader Jeugd, formele jeugdhulp noodzakelijk is. Deze voorwaarde geldt altijd voor een GGZ- behandeling.
**7..** Voor informele jeugdhulp geldt uitsluitend de verplichting tot het overleggen van een VOG, als zij niet incidenteel hulp verlenen. Ouder(s) hoeven voor zichzelf geen VOG te overleggen.
HOOFDSTUK 6
Artikel 24
Kwaliteitseisen individuele voorziening in de vorm van een pgb
Onderdeel van Verordening Jeugdhulp Leidschendam-Voorburg 2026