(Dit artikel geeft nadere uitvoering aan artikel 5, 6, 7, 8 en 9 van de wet en artikel 5 van de Leerplichtregeling 1995)
**1..** Ontvangst kennisgeving. De medewerker leerplicht neemt een kennisgeving van een beroep op vrijstelling van de inschrijvingsplicht, als bedoeld in artikel 6 van de wet, in ontvangst. De medewerker leerplicht:
Zendt de ouders een ontvangstbevestiging;
Deelt daarbij mee binnen welke termijn zij bericht ontvangen over de ontvankelijkheid van het beroep op vrijstelling.
**2..** Vrijstellingsgrond a. Indien de kennisgeving betrekking heeft op de vrijstellingsgrond bedoeld in artikel 5, onderdeel a, van de wet, draagt de medewerker leerplicht zorg voor dat een door de gemeente aangewezen deskundige de jongere onderzoekt en een schriftelijke verklaring afgeeft over de geschiktheid van de jongere voor het onderwijs. In dat kader:
Tracht hij te bewerkstelligen dat het onderzoek binnen twintig werkdagen plaatsvindt;
Vraagt hij de ouders toestemming zodat de deskundige een overleg kan voeren met het samenwerkingsverband waarbij de jongere is aangesloten.
De medewerker leerplicht bericht de ouders binnen tien werkdagen na ontvangst van de verklaring van de deskundige of is voldaan aan de wettelijke vereisten voor het ontstaan van de vrijstelling.
**3..** Vrijstellingsgrond b. Indien de kennisgeving betrekking heeft op de grond bedoeld in artikel 5, onderdeel b, van de wet, onderzoekt de medewerker leerplicht de bij de kennisgeving overgelegde bescheiden. In dat kader:
Nodigt hij de ouders uit voor een toelichting;
Stelt hij vast of een verklaring is overlegd waaruit blijkt dat de ouders bedenkingen hebben tegen de richting van het onderwijs op alle scholen of instellingen binnen redelijke afstand van de woning;
Gaat hij na of de jongere eerder op een school of instelling ingeschreven is geweest.
De medewerker leerplicht bericht de ouders schriftelijk binnen twintig werkdagen na ontvangst van de kennisgeving of is voldaan aan de wettelijke vereisten voor het ontstaan van de vrijstelling.
**4..** Vrijstellingsgrond c. Indien de kennisgeving betrekking heeft op de grond bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de wet, en nog geen verklaring van de directeur van de buiten Nederland gelegen school of instelling is overgelegd, beoordeelt de medewerker leerplicht de kennisgeving. In dat kader:
Informeert hij de ouders op welke wijze en op welk moment moet worden aangetoond dat de jongere in het buitenland onderwijs volgt.
De medewerker leerplicht bericht de ouders schriftelijk binnen twintig werkdagen na ontvangst van de kennisgeving of is voldaan aan de wettelijke vereisten voor het ontstaan van de vrijstelling.
**5..** Beoordeling. Indien de kennisgeving niet voldoet aan de wettelijke eisen, stelt de medewerker leerplicht de ouders in de gelegenheid de jongere alsnog in te schrijven op een school of instelling binnen een redelijke termijn van doorgaans ten hoogste twintig werkdagen. Indien de kennisgeving voldoet aan de wettelijke eisen:
Deelt de medewerker leerplicht de ouders mee voor welke periode de vrijstelling geldt;
Vermeldt hij vóór welke datum een nieuwe kennisgeving moet worden ingediend indien opnieuw een beroep op vrijstelling wordt gedaan;
Wordt de vrijstelling geregistreerd in het ROD.
**6..** Melding Arbeidsinspectie. Indien de vrijstelling betrekking heeft op de grond bedoeld in artikel 5, onderdeel a of b, van de wet, en de jongere de leeftijd van zestien of zeventien jaar heeft, informeert de medewerker leerplicht de Arbeidsinspectie overeenkomstig artikel 5 van de Leerplichtregeling 1995.