Naar hoofdinhoud

AFDELING IV.

Artikel 18

Artikel 18

Onderdeel van Duinverordening Tilburg 2005

Apparatuur en andere voorwerpen bestemd voor recreatieve toepassingen Het is binnen het gebied van het Nationaal Park verboden: Motorisch aangedreven en radiografisch bestuurbare schaalmodellen van vliegtuigen, bootjes of auto’s in werking te hebben; motorisch aangedreven voertuigen, bestemd voor recreatieve doeleinden.te gebruiken; modellen van vliegtuigen of andere objecten af te schieten of met hulpmiddelen te lanceren, die een landing maken na een vrije val, zweef- of glijvlucht. Het is verboden zich met door windkracht aangedreven wagens, installaties of constructies op te houden in het Nationaal Park dan wel zich boven de wegen, terreinen of wateren in het Nationaal Park te bevinden met valschermen, vliegers of andere niet motorisch aangedreven hulpmiddelen om zich gedurende enige tijd zwevende te houden. Het is de bestuurder van een motorvoertuig voor zover die zich in het Nationaal Park daarmee mag ophouden, verboden zijn motorvoertuig te gebruiken voor het voorttrekken van één of meer personen die zich, direct of indirect verbonden met het motorvoertuig, voortbewegen door de lucht aan een parachute, een vlieger of een soortgelijk voorwerp. Het is verboden in het Nationaal Park te vliegeren. Het in het vierde lid gestelde vliegerverbod geldt niet indien het een vlieger betreft met een hoogte en breedte van maximaal één meter aan een enkelvoudige lijn, bestemd om statisch mee te vliegeren, zonder dat daardoor de veiligheid van personen of dieren gevaar loopt. Het bepaalde in de voorgaande leden geldt niet voorzover in de daarin geregelde onderwerpen wordt voorzien door de Wet milieubeheer of de Luchtvaartwet.

Rechtspraak bij dit artikel