**1.** De aanvraag van een onttrekkingsvergunning wordt ingediend bij burgemeester en wethouders op een daarvoor opgesteld formulier en gaat vergezeld van de volgende informatie en bewijsstukken:
de straat, het huisnummer en de kadastrale ligging van het gebouw waarop de aanvraag betrekking heeft;
de reden van het verzoek;
de namen en adressen van de eigenaar en de bewoners van de woonruimte(n) waarop de aanvraag betrekking heeft;
gegevens over de huidige situatie, zoals huur- of koopprijs, aantal kamers, woonoppervlak, woonlaag en staat van onderhoud;
gegevens over de beoogde situatie, zoals bestemming en bouwplan;
compensatievoorstel als bedoeld in artikel 4.1.6 lid 1;
gegevens bij voorgenomen samenvoeging, zoals verwachte huur- of koopprijs, verwachte omvang van het huishouden van de toekomstige bewoner en schriftelijke verklaring van toestemming van de zittende huurder.
**2.** Burgemeester en wethouders kunnen bij beoordeling van aanvragen tot onttrekking ten behoeve van de uitoefening van een bedrijf advies inwinnen bij de Kamer van Koophandel.
**3.** Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning verlenen voor tijdelijke onttrekking, indien de onttrekking voorziet in een tijdelijke behoefte. Tijdelijk betekent maximaal een periode van vijf jaar.
**4.** Op of bij de onttrekkingsvergunning vermelden burgemeester en wethouders de volgende informatie:
de woonruimte waarop de vergunning betrekking heeft;
de mededeling dat binnen één jaar van de onttrekkingsvergunning gebruik gemaakt kan worden;
de werkingsduur in geval van een tijdelijke vergunning;
de opgelegde compensatie.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.1
Artikel 4.1.3
Aanvragen van een onttrekkingsvergunning
Onderdeel van Huisvestingsverordening