Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.1

Artikel 4.1.6

Voorwaarden en voorschriften

Onderdeel van Huisvestingsverordening

1. Burgemeester en wethouders kunnen aan de onttrekkingsvergunning de voorwaarde verbinden dat: vervangende woonruimte wordt toegevoegd, zijnde reële compensatie, die naar het oordeel van burgemeester en wethouders gelijkwaardig is aan de te onttrekken woonruimte, of financiële compensatie wordt betaald. Daarbij gelden de volgende bedragen:- zelfstandige woonruimte en samenvoeging: € 275,- per m2- onzelfstandige woonruimte: € 165,- per m2- omzetten van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte: € 110,- per m2 2. Het bedrag van de financiële compensatie wordt berekend naar het aantal vierkante meters vloeroppervlak voor de te onttrekken woonruimte. Het oppervlak wordt gemeten volgens de normen waarmee de kwaliteit van de huurwoningen wordt bepaald, zoals die voor de berekening van de oppervlakten van vertrekken en overige ruimten zijn vastgelegd in het Besluit Huurprijzen Woonruimte. 3. Het fonds of de reserve dat door deze compensatiegelden wordt gevormd, kan uitsluitend binnen het kader van de volkshuisvesting worden aangewend. 4. Bij het als compensatie toevoegen van woonruimte, zoals bedoeld in lid 1, sub a, dient door de aanvrager binnen vier weken na de verzenddatum van het desbetreffende besluit van burgemeester en wethouders, een waarborgsom te worden betaald, die gelijk is aan het bedrag dat had moeten worden betaald indien hij voor de in dat besluit gestelde financiële compensatievoorwaarde zou hebben gekozen. 5. Burgemeester en wethouders kunnen beslissen tot gehele of gedeeltelijke vrijstelling van compensatie bij samenvoeging, indien de eigenaar-bewoner een naar beoordeling van burgemeester en wethouders wezenlijke investering doet ten behoeve van noodzakelijk bouwkundig herstel van de woning. 6. Aan een tijdelijke vergunning kunnen burgemeester en wethouders de voorwaarde verbinden van financiële compensatie van 1/30e deel van de bedragen zoals bedoeld in lid 1, sub b, per te onttrekken jaar.

Rechtspraak bij dit artikel