1. Burgemeester en wethouders stellen jaarlijks middels de begroting een bedrag beschikbaar ten behoeve van de Monumentenvoorziening, de Restauratievoorziening en de Voorziening archeologie.
2. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd tot verstrekking van subsidie als bedoeld in deze verordening, voorzover de in de Monumentenvoorziening, de Restauratievoorziening of de Voorziening Archeologie beschikbare middelen dit toelaten.
3. Indien de in lid 2 genoemde middelen zijn uitgeput kunnen burgemeester en wethouders de aanvraag om subsidie afwijzen.