Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 14

Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid

Onderdeel van Maatregelenverordening Wet werk en bijstand Neder-Betuwe 2009

Indien een belanghebbende een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan heeft betoond als bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de wet, wordt een maatregel opgelegd die wordt afgestemd op de periode dat de belanghebbende als gevolg van zijn gedraging eerder of langer recht doet gelden op bijstand. Onverminderd artikel 2, tweede en derde lid, wordt de maatregel op de volgende wijze vastgesteld: a. een periode korter dan 3 maanden: 20% van de bijstandsnorm gedurende een maand; b. een periode van 3 tot 6 maanden : 40% van de bijstandsnorm gedurende een maand; c. een periode van 6 maanden en langer: 100% van de bijstandsnorm gedurende een maand. Indien een belanghebbende een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan heeft betoond als bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de wet, welke betrekking heeft op bijzondere noodzakelijke kosten wordt een maatregel vastgesteld op: a) 10% van het bedrag van de bijzondere bijstand ingeval het tekortschietend besef van verant-woordelijkheid heeft geleid tot het niet verkrijgen van een voorliggende voorziening voor de bij-zondere kosten, waardoor geheel of aanvullend bijzondere bijstand nodig is voor deze bijzondere noodzakelijke kosten; b) 20% van het bedrag van de bijzondere bijstand ingeval het tekortschietend besef van verant-woordelijkheid rechtstreeks heeft geleid tot de bijzondere kosten, waardoor geheel of aanvullend bijzondere bijstand nodig is voor deze bijzondere noodzakelijke kosten. Indien een belanghebbende een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan heeft betoond als bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de wet, welke betrekking heeft op bijzondere noodzakelijke kosten ontstaan door onverzekerdheid ingevolgde de Zorgverzekeringswet wordt de maatregel bepaald op 100% van het bedrag van de bijzondere bijstand. Ingeval aan een belanghebbende specifieke voorwaarden zijn opgelegd op grond van de artikelen 55, 56 lid1 en 57 sub a van de wet en de belanghebbende niet voldoet aan deze voorwaarden wordt een maatregel opgelegd van 20% van de bijstandsnorm gedurende 1 maand.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel