1. De leden van de kamers maatschappelijke zaken en algemene zaken wijzen uit hun midden een plaatsvervangend voorzitter van de betreffende kamer aan.
2. De voorzitter van de algemene kamer is tevens coördinerend voorzitter van de gehele commissie.
3. De voorzitters van de kamers danwel hun plaatsvervangers gelden voor de behandeling van bezwaarschriften als (waarnemend) voorzitter van de commissie.
4. Waar hierna in deze verordening wordt gesproken over de voorzitter van de commissie wordt de voorzitter van de betreffende kamer bedoeld.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 1
Artikel 3d
De voorzitter en de waarnemend voorzitters
Onderdeel van Verordening Behandeling Bezwaarschriften 2003