Naar hoofdinhoud
Deze verordening verstaat onder: - gemeentelijke riolering: het gedeelte van de riolering dat bij de gemeente in eigendom en beheer is voor inzameling en transport van afvalwater, hemelwater en drainagewater, met inbegrip van de daartoe behorende rioolgemalen, persleidingen en installaties van overeenkomstige aard; - drukrioleringssysteem: gemeentelijke riolering, voor de afvoer van afvalwater, exclusief hemelwater, waarbij het transport door het riool plaatsvindt door middel van met pompinstallaties veroorzaakte druk; - eigendom: een roerende of onroerende zaak; - aansluiting: het leggen door of vanwege de gemeente van een leiding van de gemeentelijke riolering tot aan het aansluitpunt van het eigendom ten behoeve waarvan de aansluiting geschiedt, ertoe dienende om voor dat eigendom een directe of indirecte lozing op de gemeentelijke riolering mogelijk te maken; - aansluitpunt: bij vrijverval riolering het punt (controleputje) gelegen op of binnen 0,5 meter afstand van de kadastrale grens van het aan te sluiten eigendom bij een drukriool waarbij geen controleputje is aangebracht het punt waar het riool van het eigendom wordt aangesloten op de pompput

Rechtspraak bij dit artikel