Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5 › Paragraaf 3

Artikel 19

Artikel 19

Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaats Blaricum 1998

1. De grafbedekking kan na het verstrijken van de graftermijn door burgemeester en wethouders worden verwijderd. 2. Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking wordt bekend gemaakt gedurende een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd, op een op het te ruimen graf te plaatsen bord door burgemeester en wethouders, tenzij het adres van de rechthebbende bij burgemeester en wethouders bekend is. In dat geval doen zij uiterlijk een jaar voor het genoemde tijdstip aan rechthebbende mededeling van hun voornemen. 3. Op grond van een daartoe door de rechthebbende bij burgemeester en wethouders ingediende aanvraag, blijft de grafbedekking na verwijdering nog gedurende dertien weken ter beschikking van degene aan wie een vergunning als bedoeld in het eerste lid van artikel 17 is verleend. De aanvraag kan worden ingediend gedurende de in het tweede lid genoemde termijn. 4. De grafbedekking vervalt aan de gemeente indien: a. geen aanvraag op grond van het derde lid is ingediend en de termijn waarbinnen dit verzoek had kunnen worden ingediend is verstreken; b. de grafbedekking niet binnen dertien weken nadat deze van het graf is verwijderd, is afgehaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel