Naar hoofdinhoud
1. De voorzitter zendt ten minste 7 dagen voor een vergadering de leden van de raad een schriftelijke oproep onder vermelding van dag, tijdstip en plaats van de vergadering. 2. De voorzitter kan, ingeval van een van het rooster afwijkende vergadering als bedoeld in artikel 8, lid 2, afwijken van de in het eerste lid genoemde termijn. 3. De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde stukken worden tegelijkertijd met de schriftelijke oproep aan de leden van de raad verzonden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel