1. Het college kan aan een lid van de doelgroep een gesubsidieerde re-integratie praktijkovereenkomst (RPO) aanbieden;
2. Het college kan een organisatie aanwijzen die de RPO, bedoeld in het eerste lid, aanbiedt;
3. De werknemer krijgt een RPO aangeboden en wordt gedetacheerd bij een reguliere werkgever.
4. Op grond van de RPO ontvangt de werknemer een maandelijkse vergoeding, welke gelijk is aan de bijstandsnorm die bij aanvang van de RPO voor de werknemer zou gelden.
5. De duur van de RPO bedraagt maximaal 3 maanden, welke periode één keer verlengd kan worden met maximaal 3 maanden;
6. De gemeentelijke loonkostensubsidieregeling voor de RPO is, in tegenstelling tot wat in artikel 9 genoemd wordt als hoogte van de subsidie, als volgt:
a. De hoogte van de (maandelijkse) subsidie is gelijk aan de bijstandsnorm die bij aanvang van de RPO voor de werknemer zou gelden.
b. De werkgever waar de werknemer gedetacheerd wordt, betaalt per gewerkt uur een inleenvergoeding van 8 euro voor personen van 23 jaar en ouder en 6 euro voor personen onder de 23 jaar aan de organisatie die de RPO aanbiedt.
7. De werkgever heeft de intentie na afloop van de tijdelijke subsidie belanghebbende een reguliere baan aan te bieden voor tenminste zes maanden. Deze intentie wordt vastgelegd en ondertekend door de werkgever;
8. Plaatsing op een RPO is alleen mogelijk indien hierdoor de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en geen verdringing plaatsvindt. In een contract zal worden vastgelegd dat de organisatie op een en ander toeziet.
Hoofdstuk II › Afdeling 1
Artikel 9A
Re-integratie praktijk overeenkomst
Onderdeel van Uitvoeringsbesluit participatie gemeente Vlaardingen 2010