Naar hoofdinhoud

Deel 6

Artikel 6.7

UMTS Masten

Onderdeel van Nota Welstand Blaricum

Mobiel bellen is niet meer weg te denken uit onze samenleving. Het plaatsen van zend- en ontvangstinstallaties en het meewerken aan een landelijk dekkend netwerk van installaties is daarmee noodzakelijk. Maar de antenneinstallaties zijn van ver zichtbaar en van invloed op de ruimtelijke kwaliteit. De gemeente Blaricum vindt het van belang hier terughoudend mee om te blijven gaan en dat de antenne-installaties op een stedenbouwkundig en maatschappelijk verantwoorde wijze worden ingepast. Daartoe zijn in de Beleidsnota antenne-installaties, Blaricum (2008) richtlijnen opgesteld voor de toelaatbaarheid van de installaties. Zo is plaatsing van antennemasten niet toegestaan in beeldbepalende gebieden, landschappelijk waardevolle gebieden, het Beschermd dorpsgezicht, beschermende natuurgebieden en milieubeschermingsgebieden. Verder is in de betreffende beleidsnota bepaald dat bij voorkeur sprake dient te zijn van een solitaire mast (maximaal 40 m hoog) en dat de plaatsing van antennemasten in beginsel is toegestaan op nietwoongebouwen van 15 m of hoger, waarbij de masthoogte maximaal 7 m mag bedragen. Tevens dienen de bijbehorende schakelkasten uit het zicht te worden geplaatst. Universal Mobile Telecommunications System (UMTS) is de beoogde opvolger van het gsm-netwerk. Het digitale UMTS-netwerk heeft meer capaciteit en kan grote hoeveelheden data, in kleine digitale pakketjes, snel versturen. Een antenne-installatie is het geheel van antennes, antennedrager, bedrading en techniekkasten. Een antenne-installatie kan uit meerdere antennes bestaan. Er is dus een onderscheid tussen een antenne en een antenne-installatie. Voor gsm en UMTS bestaat een antenne-installatie over het algemeen uit drie antennes en de bijbehorende apparatuur. Het grootste deel van deze UMTS-antennes zal worden geplaatst op of bij de geplaatste gsm antenne-installaties. Hierdoor zal de toename van het aantal antenne-installaties beperkt blijven. Bouwvergunning en welstandstoetsing De toepassing van welstandstoetsing is gekoppeld aan de bouwvergunningsplicht. Dit hangt af van de hoogte van de installatie en het vermogen van de antenne. Voor het plaatsen van masten voor antenne-installaties die minder dan 5 m hoog zijn, is onder bepaalde voorwaarden geen bouwvergunning nodig. Als een antenne van minder dan 5 m op een monument wordt geplaatst of in het Beschermd Dorpsgezicht, gelden dezelfde regels als voor het plaatsen van antennes van 5 tot 40 meter. Ook moet dan een monumentenvergunning worden aangevraagd. Antennes van 5 tot 40 m Voor het plaatsen van antennes van 5 tot 40 m hoog geldt een lichte bouwvergunning. Dit betekent dat de gemeente binnen zes weken moet beslissen of de vergunning wel of niet wordt verleend. De criteria voor een lichte bouwvergunning zijn iets minder uitgebreid dan voor een reguliere bouwvergunning. Antennes hoger dan 40 m Voor alle masten voor antenne-installaties die hoger zijn dan 40 m is een reguliere bouwvergunning nodig. De enige uitzondering hierop zijn de antennes voor het communicatiesysteem voor politie, brandweer en ambulances (C2000). Deze installaties zijn bouwvergunningvrij. De antennes waarvoor geen bouwvergunning nodig is, wordt niet preventief getoetst aan redelijke eisen van welstand. In uitzonderingsgevallen, wanneer een bouwwerk in ernstige mate in strijd is met redelijke eisen van welstand kan de gemeente achteraf met behulp van de Excessenregeling ingrijpen. De eigenaar wordt dan verzocht het uiterlijk van het bouwsel aan te passen, ondanks het feit dat het bouwvergunningsvrij is. Criteria voor een UMTS-mast Een UMTS-mast voldoet in ieder geval aan redelijke eisen van welstand als aan onderstaande criteria wordt voldaan: Architectonische uitwerking • kleur van mast in gedekte kleuren, geen opvallend kleurgebruik; • bij plaatsing op gebouwen wordt de antennemast door camouflage aan het zicht onttrokken; • bijbehorende schakelkasten worden uit het zicht geplaatst. Aanvullende criteria • deze voldoet aan de eventuele aanvullende criteria in het gebiedsgerichte beoordelingskader; • UMTS-masten worden te allen tijde aan de welstandscommissie voorgelegd; op basis van de gebiedscriteria kunnen nadere eisen worden gesteld.

Rechtspraak bij dit artikel