1. De maatregel wordt toegepast op de WIJ-norm.
2. De maatregel als bedoeld in het eerste lid wordt bij voorkeur opgelegd met ingang van de eerstvolgende kalendermaand volgend op de datum waarop het besluit tot het opleggen van de maatregel aan de jongere is bekendgemaakt. Daarbij wordt uitgegaan van de voor die maand geldende WIJ-norm.
3. In afwijking van het tweede lid kan de maatregel met terugwerkende kracht worden opgelegd.
Hoofdstuk 1
Artikel 4
De berekeningsgrondslag en de ingangsdatum
Onderdeel van Afstemmingsverordening WIJ 2010