1. Na opening van de vergadering kunnen aanwezige burgers gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het woord voeren over onderwerpen, die op de agenda geplaatst zijn.
2. Het woord kan niet gevoerd worden over:
a. Een besluit van een gemeentelijk bestuursorgaan, ten aanzien waarvan zienswijzen
ingebracht kunnen worden, dan wel bezwaar of beroep openstaat of heeft
opengestaan.
b. Benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen.
c. Een gedraging waarover een klacht als bedoeld in artikel 9.1 van de Algemene
Wet Bestuursrecht kan of kon worden ingediend.
3. Degene, die gebruik wenst te maken van het spreekrecht, meldt dit vóór de aanvang van de vergadering aan de secretaris. Hij deelt daarbij zijn naam en adres mede, alsmede het onderwerp, waarover hij het woord wenst te voeren.
4. De voorzitter verleent het woord in volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het belang is van de vergadering.
Artikel 12
Spreekrecht publieke tribune.
Onderdeel van Monumentencommissieverordening voor de gemeente Maasgouw -2007