1. De commissie vergadert maandelijks of zo dikwijls als burgemeester zulks nodig oordelen, alsmede voor zover dit wordt vereist overeenkomstig de ter zake van kracht zijnde wettelijke voorschriften.
2. De uitnodiging voor de vergadering geschiedt schriftelijk door of namens de voorzitter.
3. De oproepingsbrief, als bedoeld in het tweede lid, vermeldt plaats, datum en aanvangstijd, alsmede de agenda der vergadering.
4. De oproepingsbrief, als bedoeld in het tweede lid, wordt ten minste één week vóór de vergadering aan de leden van de commissie, alsmede aan burgemeester en wethouders toegezonden, spoedeisende gevallen uitgezonderd.
5. De stukken, die betrekking hebben op de in de vergadering van de commissie te behandelen agendapunten worden tegelijk met de oproeping voor de commissie ter inzage gelegd in het gemeentehuis. Voor zoveel nodig worden afschriften van de desbetreffende stukken toegezonden aan de leden van de commissie, tegelijk met de oproepingsbrief.
6. De leden van de commissie kunnen de voorzitter schriftelijk, met opgave van redenen, verzoeken om onderwerpen te plaatsen op de agenda voor de vergadering van de commissie.
7. Een verzoek, als bedoeld in het zesde lid, bevat een korte uiteenzetting van het te behandelen onderwerp en dient ten minste drie werkdagen vóór de vergadering van de commissie ingediend te worden bij de secretaris.
8. De secretaris brengt een verzoek, als bedoeld in het zesde lid, ter kennis van de voorzitter, welke beoordeelt of een gevraagd onderwerp in de desbetreffende vergadering aan de orde gesteld kan worden.
9. De beslissing ter zake wordt gemotiveerd medegedeeld aan de commissie.
Artikel 7
Vergaderingen commissie.
Onderdeel van Monumentencommissieverordening voor de gemeente Maasgouw -2007