1. De vergaderingen van de raad vinden plaats volgens een door de raad daartoe vastgesteld schema.
2. De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag en aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij voert hierover, tenzij er sprake is van een spoedeisende situatie, overleg in het presidium.
3. Een raadsvergadering duurt tot maximaal vier uur na aanvangstijdstip, met uitzondering van de begrotingsvergadering. Bij overschrijding van de maximale vergaderduur wordt de vergadering de volgende dag vanaf 19.30 uur voortgezet.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 1
Artikel 9
Vergaderfrequentie en vergaderduur
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad