**1.** Het college kan een uitkeringsgerechtigde die niet direct bemiddelbaar is, een participatieplaats gericht op arbeidsinschakeling aanbieden conform artikel 10a van de wet of artikel 38 a van de IOAW of de IOAZ.
**2.** Het doel van de participatieplaats is het opdoen van werkervaring dan wel het leren functioneren in een arbeidsrelatie en daarnaast werken aan belemmeringen opgeworpen door persoonsgebonden factoren.
**3.** De participatieplaats kan gecombineerd worden met een opleiding ter verkrijging van een startkwalificatie voor de arbeidsmarkt.
**4.** De participatieplaats duurt maximaal 24 maanden met de mogelijkheid van verlenging van twee maal één jaar.
**5.** Het college verstrekt aan uitkeringsgerechtigden die onbeloonde additionele werkzaamheden verrichten conform artikel 10a, lid 6 van de wet, artikel 38 lid 6 van de IOAW, artikel 38 lid 6 van de IOAZ, een premie van telkens € 300,00 telkens nadat hij gedurende zes maanden additionele werkzaamheden heeft verricht.
**6.** De premie wordt geweigerd indien bij de beoordeling blijkt dat de belanghebbende de aan de aan de onbeloonde additionele werkzaamheden verbonden verplichtingen zijn geschonden.
**7.** Het college plaatst de persoon alleen indien door zijn plaatsing geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt.
**8.** In een schriftelijke overeenkomst worden tenminste vastgelegd het doel en omvang van de participatieplaats alsmede de wijze waarop de begeleiding plaatsvindt.
Paragraaf 5
Artikel 13
Participatieplaats
Onderdeel van Re-integratieverordening WWB, IOAW, IOAZ 2010