Naar hoofdinhoud

Paragraaf 2

Artikel 5

Criteria ontheffing plicht tot arbeidsinschakeling

Onderdeel van Re-integratieverordening WWB, IOAW, IOAZ 2010

1. Het college kan, met inachtneming van artikel 9 tweede lid en artikel 9a van de wet, artikel 37a en 38 van de IOAW en de IOAZ, bepalen dat aan de uitkeringsgerechtigde, geheel of gedeeltelijk, ontheffing wordt verleend van de in artikel 8 eerste lid van deze verordening genoemde verplichting. 2. Deze ontheffing geldt in ieder geval voor: a. een alleenstaande ouder met kinderen tot 12 jaar waarvoor de combinatie van zorg en arbeid of de combinatie van zorg en voorziening niet mogelijk is; b. een alleenstaande ouder als bedoeld in artikel 9a van de wet en artikel 38 van de IOAW en IOAZ; de belanghebbende om sociale dan wel medische redenen niet in staat is om te werken. c. Ten aanzien van personen als bedoeld in het tweede lid onder b van dit artikel geldt dat de ontheffing eenmalig wordt verleend gedurende maximaal 6 jaar, ingaande op de dag van geboorte van het kind. d. Ontheffing van de arbeidsplicht wordt voor een periode van maximaal 12 maanden verleend. Op basis van een herbeoordeling kan het college besluiten een ontheffing na afloop van de vastgestelde periode te verlengen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel