Naar hoofdinhoud
1. Aan de ambtenaar die het maximum van de voor hem geldende salarisschaal heeft bereikt, en die naar het oordeel van burgemeester en wethouders blijk heeft gegeven van lang­durige bijzondere uitoefening van de functie, kan een toeslag worden toegekend. 2. De in het vorige lid bedoelde toeslag is niet hoger dan 10 procent van het salaris van de betrokken ambtenaar, met dien verstande dat de som van dat salaris en die toeslag het hoogste bedrag van de naasthogere salaris­schaal niet overschrijdt.

Rechtspraak bij dit artikel