Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Recidive en samenloop

Onderdeel van Afstemmingsverordening WWB, IOAW, IOAZ 2010

1. De duur van de maatregel wordt verdubbeld, indien de belanghebbende zich binnen 24 maanden na bekendmaking van een besluit waarbij een maatregel is opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan het schenden van de inlichtingenplicht of aan een verwijtbare gedraging van dezelfde of hogere categorie. 2. Indien een belanghebbende zich, na een besluit als bedoeld in het eerste lid, wederom schuldig maakt aan een of meerdere verwijtbare gedragingen zoals genoemd in artikel 9, 11, 12, 13, 14 en 15 van deze verordening, en die plaatsvinden binnen een periode van 24 maanden na het laatste maatregel-recidivebesluit, kan het college al individualiserend de hoogte en de duur van de toe te passen maatregel vaststellen. 3. Met een besluit waarmee een maatregel is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 6, tweede lid. 4. Indien sprake is van een gedraging die schending oplevert van meerdere in de wet, de IOAW of de IOAZ, genoemde verplichtingen, wordt één maatregel opgelegd. Indien voor schending van die verplichtingen maatregelen van verschillende hoogten gelden, wordt de hoogste maatregel opgelegd. 5. Indien sprake is van meerdere gedragingen die schending opleveren van één of meerdere in de wet, de IOAW of de IOAZ, genoemde verplichtingen, wordt voor iedere gedraging een afzonderlijke maatregel opgelegd. Deze maatregelen worden gelijktijdig opgelegd, tenzij dit gelet op artikel 6, tweede lid, niet verantwoord is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel