In deze verordening wordt verstaan onder:
a. wet Telecommunicatiewet;
b. openbaar elektronisch telecom-
municatienetwerk als bedoeld in communicatie-netwerk: artikel 1.1, onder h, van de wet;
c. kabels kabels als bedoeld in artikel 1.1, onder z, van de wet;
d. voorzieningen ondergrondse ondersteuningswerken als bedoeld in artikel 5.15, van de wet, en kabels;
e. openbare gronden openbare wegen en wateren als bedoeld in artikel 1.1, onder aa, van de wet;
f. aanbieder aanbieder van een openbaar elektronisch communicatienetwerk als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de wet;
g. werkzaamheden werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk in of op openbare gronden;
h. gedoogplichtige degene op wie een gedoogplicht rust als bedoeld in artikel 5.2, eerste lid, van de wet;
i. college college van burgemeester en wethouders;
j. melding melding als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, onder a, van de wet;
k. instemmingsbesluit besluit van het college als bedoeld in artikel 5.4 eerste lid, onder b, van de wet;
l. huisaansluiting het gedeelte van een kabel van minder dan 15 m in openbare gronden dat een openbaar elektronisch communicatienetwerk verbindt met een netwerkaansluitpunt als bedoeld onder artikel 1.1, onder k, van de wet;
m. werkzaamheden van niet ingrijpende aard
- het aanbrengen of verwijderen van kabels in reeds aangebrachte voorzieningen;
- reparaties aan het openbare elektronische communicatienetwerk met een lengte van minder dan 15 m en niet vallend onder artikel 3 eerste lid;
- het maken van huisaansluitingen;