**1.** Aan de eigenaar van een beschermd gemeentelijk monument ingevolge de Monumentenverordening Laren, welk monument naar het oordeel van burgemeester en wethouders in redelijke staat van onderhoud verkeert, kunnen burgemeester en wethouders jaarlijks een subsidie verlenen in het onderhoud van het monument op basis van het ingediende en goedgekeurde onderhoudsplan.
**2.** De verlening van de subsidie vindt niet plaats indien de eigenaar, de hieraan verbonden voorschriften naar het oordeel van burgemeester en wethouders niet nakomt.
**3.** De subsidie bedraagt 30% van de werkelijke gemaakte onderhoudskosten met een maximum van ? 3.500,-- per jaar. De subsidie zal worden uitgekeerd nadat de be¬treffende rekeningen en betalingsbewijzen zijn overgelegd. Er wordt subsidie beschikbaar gesteld voor zover er middelen aanwezig zijn.
**4.** Aan de verlening van de subsidie worden de volgende voorschriften verbonden:
a. de eigenaar is verplicht het monument te onderhouden in de staat, waarin het zich bevindt bij de verlening van de subsidie;
b. de eigenaar is verplicht door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren in of bij zijn monument toe te laten voor de controle van de onderhoudstoestand;
c. deze voorschriften gelden zowel voor de eigenaar, aan wie de subsidie wordt verleend, als voor iedere opvolger in de eigendom van het monument;
d. bij elke overdracht van de eigendom is de overdragende partij gehouden de verplichting tot nakoming van de in dit lid onder c genoemde voorschriften ten behoeve van de gemeente aan de nieuwe eigenaar op te leggen;
e. wanneer de eigenaar, aan wie de subsidie werd verleend of één van zijn opvolgers in de eigendom van het monument, een der bij deze voorschriften opgelegde verplichtingen naar het oordeel van burgemeester en wethouders niet nakomt, verbeurt hij zijn aanspraak op een subsidie en is bovendien een door burgemeester en wethouders te bepalen boete aan de gemeente verschuldigd, ten hoogste belopende het bedrag van de in totaal door de gemeente uitbetaalde subsidies;
f. de aanvraag voor een subsidie dient telkens voor 1 december van het jaar voorafgaand aan het subsidiejaar te worden ingediend;
g. burgemeester en wethouders beslissen omtrent de toekenning van een subsidie voor 1 maart van het betreffende subsidiejaar en houden bij hun beslissing op de aanvragen rekening met de prioriteiten in het kader van het monumentenbeleid.