1. Op aanvraag van de rechthebbende kunnen burgemeester en wethouders een eigen graf gesloten verklaren. Gedurende de tijd dat een eigen graf gesloten is, mag daarop geen andere grafbedekking worden geplaatst en mag daarin geen andere begraving plaatshebben, of asbus worden bijgezet, dan die van de stoffelijke overschotten van de personen die de rechthebbende in zijn aanvraag met name heeft genoemd.
2. Burgemeester en wethouders bepalen in overleg met de rechthebbende de periode waarvoor de in het eerste lid bedoelde sluiting zal geschieden. Zij stellen de bijzondere voorwaarden vast, waaraan moet zijn voldaan alvorens het graf gesloten wordt verklaard.
Hoofdstuk IV
Artikel 19
Sluiting van graven
Onderdeel van Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen Holy en Emaus 2004