1. Het is aan steenhouwers, hoveniers en daarmede gelijk te stellen personen verboden, anders dan met toestemming van de beheerder werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen op de begraafplaatsen te verrichten.
2. Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaats te rijden: 1. elders dan op de daartoe door de beheerder aangewezen rijwegen; motorrijtuigen zijn buiten de rijwegen slechts toegestaan voor begrafenissen of voor het vervoer van materialen;
2. sneller dan stapvoets;
3. Het is verboden om met fietsen, bromfietsen en scooters op de begraafplaats te rijden of deze mee te voeren.
4. Personen die voor hun vervoer afhankelijk zijn van (electrische) rolstoelen of rolscooters mogen daarmee op de begraafplaats rijden, e.e.a. ter beoordeling van de beheerder;
5. Dieren zijn op de begraafplaats niet toegestaan. Het verbod geldt niet voor zover de eigenaar of houder van een hond zich vanwege een handicap door een geleidehond laat geleiden.
6. Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die werkzaamheden op de begraafplaatsen hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van de beheerder.
7. Degenen die zich niet aan de in het zesde lid bedoelde aanwijzing houden, moeten zich op eerste aanzegging van de beheerder van de begraafplaats verwijderen.
Hoofdstuk II
Artikel 4
Ordemaatregelen
Onderdeel van Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen Holy en Emaus 2004