Naar hoofdinhoud

Afdeling 1

Artikel 2

Voorzieningen van openbaar nut

Onderdeel van Exploitatieverordening

Tot het treffen van voorzieningen van openbaar nut waardoor onroerende zaken worden gebaat, worden gerekend: 1. De aanleg binnen een exploitatiegebied van de hieronder vermelde werken en werkzaam­heden: het dempen van sloten en het verrichten van grondwerken met inbegrip van het egaliseren, ophogen en afgraven; riolering met inbegrip van bijbehorende werken; wegen, parkeergelegenheden, pleinen, trottoirs, voet- en rijwielpaden, waterpartijen, watergangen, bruggen, tunnels en andere rechtstreeks met de aanleg van deze voorzieningen van openbaar nut en kunstwerken verband houdende werken; plantsoenen en andere groenvoorzieningen, waaronder begrepen de aanleg en de inrichting van openbare speelplaatsen en speelweiden alsmede de sierende elementen die rechtstreeks voortvloeien uit een juiste uitvoering van een verzorgd bestemmingsplan; openbare verlichting en brandkranen met de nodige aansluitingen; het verrichten van bodemonderzoek en -sanering, voorzover het de ondergrond van voorzieningen van openbaar nut betreft en voorzover de daarmee verband houdende kosten niet op andere wijze kunnen worden verhaald; het treffen van milieutechnisch noodzakelijke maatregelen en voorzieningen van openbaar nut ter uitvoering van een bestemmingsplan;alle overige werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor een doeltreffende aanleg van voorzieningen van openbaar nut. 2. De aanleg van de onder 1. vermelde werken en werkzaamheden buiten het exploitatie­gebied, voor zover de binnen het exploitatiegebied liggende onroerende zaken hierdoor direct dan wel indirect worden gebaat. Onder de kosten van aanleg van voorzieningen van openbaar nut als bedoeld in het eerste lid moet mede worden verstaan de storting van een jaarlijkse bijdrage door de gemeente in een regiofonds ten behoeve van concrete bovengemeentelijke voorzieningen zolang de gemeente tot deze verplichte storting gehouden is.

Rechtspraak bij dit artikel