Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2

Artikel 9

Hoorzitting

Onderdeel van Verordening behandeling bezwaar- en beroepschriften 1999

1. De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarop de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te doen horen. 2. De commissie beslist over de toepassing van de artikelen 7.3 en 7.17 van de wet. 3. Indien de commissie op grond van de in het tweede lid genoemde artikelen besluit van het horen af te zien doet hij daarvan mededeling aan : de belanghebbenden; het verwerend orgaan en, in geval van behandeling van een beroepschrift, het beroepsorgaan.

Rechtspraak bij dit artikel