**1..** Het is verboden de weg of dat gedeelte van een onroerende zaak dat vanaf de weg zichtbaar is te bekrassen of te bekladden.
**2..** Het is verboden zonder schriftelijke toestemming van de rechthebbende op de weg of op dat gedeelte van een onroerende zaak dat vanaf de weg zichtbaar is:
een aanplakbiljet of ander geschrift, afbeelding of aanduiding, aan te plakken of te laten aanplakken of op andere wijze aan te brengen of te laten aanbrengen;
met kalk, krijt, teer of een kleur of verfstof enige afbeelding, letter, cijfer of teken aan te brengen of te laten aanbrengen.
**3..** Het in het tweede lid gestelde verbod is niet van toepassing indien gehandeld wordt krachtens wettelijk voorschrift.
**4..** Het college kanaanplakborden aanwijzen voor het aanbrengen van meningsuitingen en bekendmakingen.
**5..** Het is verboden de in het vierde lid bedoelde aanplakborden te gebruiken voor het aanbrengen van handelsreclame.
**6..** Het college kan nadere regels stellen voor het aanbrengen van meningsuitingen en bekendmakingen, welke geen betrekking mogen hebben op de inhoud van de meningsuitingen en bekendmakingen.
**7..** De houder van de in het tweede lid bedoelde schriftelijke toestemming is verplicht die aan een opsporingsambtenaar op diens eerste vordering terstond ter inzage af te geven.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 4
Artikel 2.4.5
Plakken en kladden
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening voor Arnhem