Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Afdeling 1

Artikel 4.1.5

Geluidhinder

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening voor Arnhem

1.. Het is verboden buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer op een zodanige wijze toestellen of geluidsapparaten in werking te hebben of handelingen te verrichten dat voor een omwonende of voor de omgeving geluidhinder wordt veroorzaakt. 2.. Het verbod is niet van toepassing: a. op toestellen die worden gebruikt ten behoeve van bouw-, sloop- en/of onderhoudswerkzaamheden, met dien verstande dat wordt voldaan aan de navolgende geluidsniveaus op de daarbij genoemde tijdstippen: 07 – 19 uur: 65 dB(A) voor een maximale aaneengesloten periode van een maand; 07 - 19 uur: 60 dB(A) voor een maximale aaneengesloten periode langer dan een maand; 19 – 23 uur: 55 dB(A) voor een maximale aaneengesloten periode van een maand; 19 – 23 uur: 50 dB(A) voor een maximale aaneengesloten periode langer dan een maand; gemeten op een afstand van twee meter van de gevel van de woning. b. voor zover artikel 2.4.19 van deze verordening, de op de Wet milieubeheer gebaseerde voorschriften, de Wet geluidhinder, de Wegenverkeerswet 1994, de Zondagswet, het Wetboek van Stratrecht, de Luchtvaartwet, het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990, het Bouwbesluit 2012, de Wet openbare manifestaties, het vuurwerkbesluit of de Provinciale milieuverordening van toepassing zijn. 3.. Het college kan van het verbod in het eerste lid ontheffing verlenen. 4.. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictive beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel