Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1 › Paragraaf 3

Artikel 13

Aanvullende verplichtingen

Onderdeel van Algemene Subsidieverordening Vlaardingen 2008

1. Bij de subsidieverlening kan worden bepaald dat de subsidieontvanger: a. zijn voornemen tot statutenwijziging en de inhoud daarvan ter kennis brengt van het college; b. zijn voornemen tot opheffing en ontbinding tenminste 13 weken voordat het definitieve besluit te dien aanzien wordt genomen ter kennis brengt van het college c. verplicht is in de statuten te laten neerleggen dat statutenwijziging, alsmede nader te omschrijven beslissingen van de subsidieontvanger de goedkeuring van het college behoeven. d. voorafgaande toestemming van het college behoeft bij: 1e. opheffing en ontbinding; 2e. het vervreemden of bezwaren van roerende zaken, niet zijnde registergoederen; 3e. het cederen of in zekerheid overdragen van vorderingen; 4e. het zich borg stellen dan wel als hoofdelijk schuldenaar verbinden; 5e. het zich voor een derde sterk maken; 6e. het zich tot zekerstelling voor een schuld van een derde verbinden, of 7e. het afsluiten van enige overeenkomst inzake het aangaan of verstrekken van geldleningen. 2. De subsidieontvanger heeft voorafgaande toestemming van het college nodig met betrekking tot de bestemming van een eventueel batig liquidatiesaldo bij ontbinding. 3. De subsidie ontvanger brengt zijn voornemen om een rechtspersoon op te richten dan wel in een rechtspersoon deel te nemen vooraf ter kennis aan het college.

Rechtspraak bij dit artikel