Om voor subsidie in aanmerking te komen dan wel te blijven komen, moet de subsidie ontvanger:
a. activiteiten verrichten die zich naar het oordeel van het college in hoofdzaak richten op Vlaardingen en de ingezetenen van Vlaardingen, dan wel ten goede komen aan de Vlaardingse gemeenschap;
b. activiteiten verrichten die passen binnen het beleid van de gemeente;
c. activiteiten verrichten waarin op andere wijze nog niet in belangrijke mate binnen de gemeente is voorzien;
d. ten genoegen van het college aantonen, dat hij voor het verrichten van de activiteiten een subsidie nodig heeft, alsmede dat de verwachting gerechtvaardigd is, dat men met inbegrip van de subsidie de financiële middelen ter beschikking staan om met de activiteiten bij te dragen aan de realisatie van het beoogde beleidsdoel;
e. een zodanige werkwijze toepassen alsmede over een zodanige organisatorische en administratieve opzet of over zodanig gekwalificeerde medewerkers beschikken, dat het college redelijkerwijs mag verwachten dat de activiteiten bijdragen aan verwezenlijking van het beoogd beleidsdoel en;
f. zich onthouden van gedragingen of geen doelen nastreven die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde.
Hoofdstuk 1 › Paragraaf 1
Artikel 2
Subsidiecriteria
Onderdeel van Algemene Subsidieverordening Vlaardingen 2008