Bij de afboeking van betalingen gelden de volgende richtlijnen: 1. betalingen waarvan de bestemming is aangegeven worden afgeboekt overeenkomstig de opgave van de betaler;
2. betalingen waarvoor geen bestemming is aangegeven ( de zogenoemde ongerichte betalingen) worden afgeboekt op de oudste openstaande vorderingen, met dien verstande dat de aard van de vorderingen aanleiding kan zijn hiervan af te wijken.
3. de betaling strekt in de eerste plaats tot mindering van de kosten, vervolgens tot vermindering van de verschenen rente en ten slotte tot mindering van de hoofdsom en de eventuele lopende rente.
Hoofdstuk II › Afdeling 3
Artikel 15
Afboeking van de betaling
Onderdeel van Beleidsregels Terugvordering en verhaal SZW 2009