Burgemeester en wethouders verlenen geen subsidie indien;
a. met het treffen van de voorzieningen hét belang van de monumentenzorg niet of in onvoldoende mate wordt gediend;
b. de kosten van de voorzieningen niet in een redelijke verhouding staan tot het te bereiken resultaat;
c. met het treffen van de voorzieningen is begonnen voordat de aanvrager een subsidiebeschikking heeft ontvangen.
d. voor de te treffen voorzieningen een monumentenvergunning is vereist en deze (nog) niet is verleend.
e. er in enig jaar geen voldoende financiële middelen beschikbaar zijn;
f. de subsidiabele onderhoudskosten minder dan f2.203,70 of € 1.000,- bedragen; niet voldaan wordt aan de termijn gesteld als bedoeld in het tweede en derde lid van artikel
Hoofdstuk 3
Artikel 11
Weigeringsgronden
Onderdeel van Subsidieverordening Monumenten Vlaardingen 2000