**1.** Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag houtopstand te vellen of te doen vellen.
**2.** Het verbod geldt niet voor:
a. bomen die een kleinere diameter hebben dan 20 cm, dan wel een omtrek van 63 cm, gemeten op 130 cm vanaf de grond (bij een meerstammige boom geldt de omvang van de dikste stam);
b.coniferen van de soort Thuja of Chaemacyparis of Cupressoparis leilandii;
c. wegbeplantingen en eenrijige beplantingen op of langs landbouw gronden, beide voorzover bestaande uit niet-geknotte populieren of wilgen;
d. vruchtbomen en windschermen om boomgaarden;
e. fijnsparren, niet ouder dan 12 jaar, bestemd om te dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen;
f. kweekgoed;
g. houtopstand die deel uitmaakt van als zodanig bij het Bosschap geregistreerde bosbouwondernemingen en gelegen is buiten een bebouwde kom, tenzij de houtopstand een zelfstandige eenheid vormt die:
I. ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are;
II. ofwel bestaat uit rijbeplanting van niet meer dan 20 bomen, gerekend over het totale aantal rijen;
h. houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektewet of krachtens een aanschrijving of last van het college, zulks onverminderd het bepaalde in artikel 4.3.6;
i. bomen en houtopstand waarvoor het college toestemming geeft tot het direct vellen van een boom of houtopstand, indien er sprake is van een situatie van acuut spoedeisend belang.
Hoofdstuk 4 › Afdeling 3
Artikel 4.11
Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Blaricum 2010