Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 17

Primaat van de verhuizing

Onderdeel van Verordening Maatschappelijke ondersteuning Nieuwe Waterweg Noord 2008

1. Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g, onderdeel 5 en 6 van de Wet kan voor een voorziening als bedoeld in artikel 16 onder a. in aanmerking worden gebracht wanneer objectief aantoonbare beperkingen als gevolg van ziekte of gebrek het normale gebruik van de woning belemmeren. 2. Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g, onderdeel 5 en 6 van de Wet kan voor een voorziening als bedoeld in artikel 16 onder b. en c. in aanmerking worden gebracht wanneer de in het eerste lid genoemde voorziening niet mogelijk is of niet de goedkoopst adequate voorziening is. 3. Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g, onderdeel 5 en 6 van de Wet kan voor een voorziening als bedoeld in artikel 16, onder e. in aanmerking worden gebracht wanneer sprake is van een op basis van objectief aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek aanwezige gedragsstoornis met ernstig ontremd gedrag tot gevolg waarbij alleen het zich kunnen afzonderen kan leiden tot een situatie waarin deze persoon tot rust kan komen. 4. Het college kan een financiële tegemoetkoming in verhuis- en inrichtingskosten als bedoeld in artikel 16, sub a verstrekken aan een persoon die op verzoek van het college, ten behoeve van een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid onder g, onderdeel 5 en 6 van de Wet een ingrijpend aangepaste woonruimte, bestemd voor permanente bewoning, heeft ontruimd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel