Het college kan de ligplaatsvergunning wijzigen of intrekken:
a. indien ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt;
b. indien op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de vergunning, moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging wordt gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning is vereist de bij de aanvraag verstrekte gegevens niet juist of onvolledig blijken te zijn;
c. indien de aan de ligplaatsvergunning verbonden voorschriften of beperkingen niet zijn of worden nageleefd;
d. indien het pleziervaartuig wordt gebruikt voor een ander doel dan in hoofdzaak voor de recreatie;
e. indien het bepaalde bij of krachtens deze verordening niet wordt nageleefd;
f. indien de vergunninghouder dit verzoekt.
Paragraaf 6
Artikel 33
Intrekken of wijzigen vaste ligplaatsvergunning woninggebonden pleziervaartuigen
Onderdeel van Binnenhavenverordening Vlaardingen 2010