**1.** Aan het slot van de vergadering geeft de voorzitter de leden de gelegenheid korte vragen te stellen omtrent actuele aangelegenheden die de gemeente betreffen.
**2.** Hij stelt daartoe als eerste in de gelegenheid de voorzitter van de fractie die volgens de voor de betreffende vergadering vastgestelde sprekersvolgorde begint. Vervolgens wordt de volgorde van de presentielijst aangehouden.
**3.** De voorzitter of de wethouder die het aangaat, beantwoordt de vragen zo mogelijk terstond. Zo dit niet mogelijk is, worden de vragen schriftelijk beantwoord of mondeling in de eerstvolgende vergadering of in een raadscommissievergadering.
**4.** Over de in de rondvraag gestelde vragen en gegeven antwoorden wordt niet beraadslaagd.
Hoofdstuk 4
Artikel 41
Rondvraag
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad 2007