Lid 1
Vergoeding van studiekosten wordt eerst uitbetaald, nadat de ambtenaar schriftelijk heeft verklaard, dat hij de uit dien hoofde genoten bedragen zal terugbetalen, indien:
hij/zij niet deelneemt aan de aan de studie verbonden tentamens en/of examens;
hij/zij de studie, waarvoor de vergoeding is verleend, beëindigt zonder dat de studie met goed gevolg is afgerond;
de vergoeding wordt gestaakt omdat o.g.v. ingewonnen informatie is gebleken dat hij/zij niet regelmatig of niet voldoende studeert, waardoor hij/zij niet in staat kan worden geacht de studie binnen de gestelde termijn te volbrengen, tenzij het niet regelmatig of niet voldoende studeren niet aan hem/haar te wijten is;
hij/zij op eigen verzoek of ten gevolge van aan hemzelf te wijten feiten of omstandigheden wordt ontslagen voor het einde van de studie waarvoor vergoeding is toegekend of binnen twee tot 5 jaren na het behalen van het voor deze studie geldende diploma. Het genoemd aantal jaren is afhankelijk van de kosten van de opleiding;
hij/zij op eigen verzoek of ten gevolge van aan hem-/haarzelf te wijten feiten of omstandigheden wordt ontslagen binnen twee jaren na het beëindigen van de studie zonder dat het door hem/haar afgelegde examen tot het behalen van een diploma heeft geleid.
Lid 2
De terugbetalingsverplichting op grond van het gestelde onder 1, sub b, vervalt, indien voortzetting van de studie redelijkerwijs niet van hem/haar kan worden verlangd;
Het aantal jaren dat de ambtenaar nog in actieve dienst werkzaam dient te zijn na het behalen van het diploma is afhankelijk van de totale opleidingskosten (totaal bedrag aan lesgeld + lesmateriaal + eventuele verblijfkosten) en bedraagt
kosten
aantal jaren
€ 1
tot
€ 4.000
2
€ 4.000
tot
€ 7.000
3
€ 7.000
tot
€ 10.000
4
meer dan
€ 10.000
5
Indien op de datum van ingang van het ontslag van de onder 1, sub d en e, bedoelde termijn van twee, drie, vier of vijf jaar ten minste één jaar is verstreken blijft de verplichting tot terugbetaling beperkt tot respectievelijk 1/24e, 1/36e, 1/48e of 1/60e gedeelte van de genoten bedragen voor iedere volle maand die ontbreekt aan het aantal jaren als genoemd in artikel 2, lid b.
Lid 3
Burgemeester en wethouders kunnen de ambtenaar op zijn verzoek, geheel of gedeeltelijk en al dan niet tijdelijk, ontheffen van de op hem/haar rustende verplichting tot terugbetaling.