Lid 1
De vastgestelde ontwerp-functiebeschrijvingen en ontwerp-waarderingen worden samengevoegd in een ontwerp-functieboek.
Lid 2
Het in ontwerp vastgestelde functieboek wordt ter instemming voorgelegd aan de Ondernemingsraad. De instemming van de Ondernemingsraad heeft alleen betrekking op de evenwichtigheid van beschrijvingen en organisatieprincipes en strekt zich niet uit tot de inhoud van individuele beschrijvingen en waarderingen.
Lid 3
Na instemming van de Ondernemingsraad stelt het college van burgemeester en wethouders de functiebeschrijvingen en functiewaarderingen vast door vaststelling van het functieboek.
Lid 4
Bij wijzigingen van het functieboek als gevolg van herschrijvingen wordt hiervan halfjaarlijks mededeling gedaan aan de Ondernemingsraad, tenzij de wijzigingen het gevolg zijn van reorganisatie. De Ondernemingsraad beoordeelt de wijzigingen overeenkomstig het gestelde in het tweede lid.