Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Subsidieverordening Monumenten Buren 2008

1. Monument: een object, dat op het moment van de indiening van een aanvraag om subsidie is aangewezen als beschermd monument op grond van de Monumentenverordening Buren 1999. 2. Molens: molens in de gemeente Buren die geregistreerd zijn als Rijksmonument. 3. Budget: het bedrag dat jaarlijks bij de behandeling van de begroting door de raad wordt vastgesteld voor de verstrekking van een subsidie op grond van deze regeling. 4. Subsidieverlening: de toezegging, dat een subsidie zal worden verstrekt. 5. Subsidievaststelling: de definitieve bepaling van de hoogte van het subsidiebedrag dat zal worden uitbetaald. 6. Onderhoud: werkzaamheden, die noodzakelijk zijn om een monument wind- en waterdicht alsmede in een goede staat te houden en die gericht zijn op het handhaven en herstellen van een historisch verantwoorde staat van een beschermd monument en op het voorkomen van groot onderhoud en restauratie. 7. Bevoegde instantie: voor de beschikbaarstelling van het budget is dit de gemeenteraad. 8. Betalingsbewijzen: rekeningen, belegd met kopieën van giro- of bankafschriften of van contant betaalde rekeningen, voorzien van een ondertekende verklaring van de desbetreffende firma. 9. Archeologische noodopgraving: de noodzakelijke en zonder uitstel te verrichten archeologische werkzaamheden op terreinen, waarvan naar het oordeel van burgemeester en wethouders verwacht mag worden, dat zich hierin vondsten van archeologische waarde kunnen bevinden. 10. Archeologisch onderzoek: het met wetenschappelijke methoden en technieken opsporen van belangrijk archeologisch erfgoed met het oogmerk dit zo veel mogelijk te behouden, voor zover dit onderzoek geschiedt ten behoeve van grootschalige gemeentelijke ruimtelijke plannen en grootschalige plannen voor cultuurhistorische waardevolle gebieden. Tot dit onderzoek worden gerekend: het opstellen van een verwachtingskaart, de voorselectie van mogelijk belangrijke vindplaatsen, het waarderen en selecteren van de gevonden vindplaatsen en het formuleren van specifieke voorstellen ten behoeve van bescherming en beheer in de meest uitgebreide zin, van deze plaatsen. 11. Archeologische inspecties: het onderzoeken van zichtbare archeologische monumenten op onderhoudsgebreken en het waar nodig verrichten van kleine herstelwerkzaamheden aan deze monumenten. 12. Archeologische basisbeschrijving: het ten behoeve van een archeologische inspectie op te stellen rapport met gegevens over het monument en de staat van onderhoud van het monument. 13. Conservering: werkzaamheden, gericht op het treffen van zodanige historisch verantwoorde voorzieningen aan een kasteel of bedrijfsruïne, tevens monument, met het oogmerk, dat de staat van het gebouw niet verder achteruit gaat of is gericht op het zoveel mogelijk herstellen van de historische staat. 14. Haalbaarheidsonderzoek: een onderzoek om vast te stellen of de restauratie van een monument of conservering voldoende zinvol is.

Rechtspraak bij dit artikel