De stookplaats dient zodanig te worden gekozen dat de afstand van de rand van de stookplaats tot de volgende objecten tenminste bedraagt:
10 meter tot een oppervlaktewater;
10 meter van houtopstanden;
50 meter in een andere richting dan de windrichting tot een gebouw of opstal, een houtwal, een opstapeling van oogstproducten, een opslag van brandbare stoffen, een openbare weg of een bos of bosschage;
200 meter in de windrichting tot gebouw, opstal of ander bouwwerk;
100 meter in de windrichting tot een houtwal, een opstapeling van oogstproducten, een opslag van brandbare stoffen, een openbare weg of een bos of bosschage.
Hoofdstuk 2
Artikel 9
Locatie
Onderdeel van Resthout beheerst verbranden (versie 3) gemeenten regio Rivierenland