1. Bij de begroting wordt een overzicht gegeven van de productenraming ingedeeld naar programma’s en bij het jaarverslag wordt een overzicht gegeven van de productenrealisatie ingedeeld naar programma’s. 2. Bij de uiteenzetting van de financiële positie van de begroting wordt van de nieuwe investeringen per investering het benodigde investeringskrediet weergegeven en wordt van de lopende investeringen het geautoriseerde investeringskrediet en de raming van de uitputting van het krediet in het lopende boekjaar weergegeven. 3. In de jaarrekening wordt van de investeringen de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten en de actuele raming van de totale uitgaven weergegeven. 4. De begroting en de jaarstukken bevatten naast de verplichte paragrafen een paragraaf ‘Dorpsontwikkelingsplannen’ (DOP’s) met daarin een overzicht van de respectievelijk per dorpskern te realiseren en gerealiseerde voorzieningen met betrekking tot de bevordering van de leefbaarheid. Tevens wordt in de (verplichte) paragraaf ‘bedrijfsvoering’, naast hetgeen in artikel 14 BBV is geregeld, nader ingegaan op het thema rechtmatigheid.
Hoofdstuk 2
Artikel 3