Aan de eigenaren van de onder c genoemde wind- en watermolens, die in aanmerking komen voor subsidie van het rijk en de provincie Zuid-Holland en die vóór 1 april van het jaar volgend op het jaar waarin het onderhoudswerk is uitgevoerd, een verzoek voor subsidie bij burgemeester en wethouders hebben ingediend, een subsidie in het vooruitzicht te stellen van 25% van de werkelijk gemaakte onderhoudskosten per jaar met een maximum van € 850,84 per jaar met een drempelbedrag van € 136,13.