**1.** De eigenaar of houder van een hond is verplicht ervoor te zorgen dat die hond zich niet van uitwerpselen ontdoet:
a. binnen de bebouwde kom, uitgezonderd de aangewezen hondenuitlaatplaatsen;
b. buiten de bebouwde kom;
c. op een gedeelte van de weg dat bestemd is of mede bestemd voor het verkeer van
voetgangers;
d. op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte
kinderspeelplaats, zandbak of speelweide;
e. op een andere door het college aangewezen plaats.
**2.** De strafbaarheid wegens overtreding van het in het eerste lid gestelde gebod wordt opgeheven indien de eigenaar of houder van de hond er zorg voor draagt dat de uitwerpselen onmiddellijk worden verwijderd.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 11
Artikel 2:58
Verontreiniging door honden
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening