Naar hoofdinhoud

Paragraaf 3

Artikel 7

Algemene bepalingen over voorzieningen

Onderdeel van Re-integratieverordening WWB, IOAW en IOAZ gemeente Castricum 2012

1. In de kadernota, als bedoeld in artikel 3, wordt vastgelegd welke voorzieningen het college in ieder geval kan aanbieden, alsmede de voorwaarden die daarbij gelden voor zover daarover in deze verordening geen nadere bepalingen zijn opgenomen. 2. Het college kan, in aanvulling op de verplichtingen die voortvloeien uit de wet, aan de voorziening nadere verplichtingen verbinden. 3. Om voor de hieronder omschreven en opgesomde ondersteuning en voorzieningen in aanmerking te komen, dient de persoon te behoren tot de in artikel 1, onder r, van deze verordening opgenomen en beschreven doelgroep en als werkloos werkzoekende geregistreerd te zijn bij het UWV WERKbedrijf, tenzij hiervoor ontheffing is verleend. 4. Het college kan ten aanzien van de voorzieningen, bedoeld in de artikelen 8 tot en met 21 nadere regels stellen. Deze regels kunnen betrekking hebben op: a. de voorwaarden waaronder een voorziening wordt aangeboden. b. de weigeringsgronden bij het aanbieden van voorzieningen. c. de intrekking of wijziging van de subsidieverlening of –vaststelling. d. de aanvraag van en de besluitvorming over subsidies en premies. e. de betaling van subsidies en het verlenen van voorschotten. f. het vragen van een eigen bijdrage. g. overige criteria voor het aanbieden van voorzieningen en het verstrekken van subsidies. 5. Het college stelt de vorm en inhoud van het plan van aanpak vast, alsmede de wijze waarop en de mate waarin de evaluatie van het plan van aanpak als bedoeld in artikel 44a van de wet plaatsvindt. 6. Het college kan een voorziening beëindigen: a. indien de persoon die aan de voorziening deelneemt zijn verplichtingen als bedoeld in artikel 5 lid 2 van deze verordening herhaaldelijk niet nakomt; b. indien de persoon die deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep van deze verordening of niet langer als werkloos werkzoekende geregistreerd staat bij het UWV WERKbedrijf; c. indien de persoon algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze voorziening; d. indien naar het oordeel van het college de voorziening onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel